Business is een boerenstiel.

Ik neem u even mee naar een belangrijke oorsprong van handel drijven. Naar daar waar onze voorouders “teelden en kweekten” om in de dagelijkse behoeften van hun huishouden te voorzien. Wist u trouwens dat het woord Economie afstamt uit het riekse oikos (huis) en nomos (regel) en dus letterlijk huishoudkunde als betekenis heeft? En eigenlijk is dat nog steeds wat het gros van de ondernemers op vandaag doen, hun huishouden voorzien van spijs en drank en ja, soms tegen wil en dank. Niettemin waren er ook “actievere” voorouders die “teelden en kweekten” om zich te verrijken, om iemand te zijn, om het “beter” dan de ander te hebben of gewoon om waarde te leveren en dus niet meer “om den brode” actief waren maar waar winst en winnen eerder het doel was.


Maar wat hun drijfveer ook was, vele voorouders reden zich vast in modder en klei omdat ze stijfkoppig in het, door de buur getrokken, spoor bleven lopen en dus nooit de mogelijkheid hadden deze voorbij te gaan. Anderen waren dan weer zo gefocust op hun product dat ze de alles vernietigende luizen over het hoofd zagen en, gelukkig maar, nog anderen zagen tegenslagen eerder als opportuniteiten en het getrokken spoor net als het niet te volgen pad.


Het wel of niet succesvol zijn had en heeft nog steeds niets te maken met geluk of IQ (een beetje helpt natuurlijk wel) maar voornamelijk met de manier waarop ze naar hun akker keken en er mee omgingen. Ze kwamen er door gezond boerenverstand en, ja zelfs toen al, een duidelijke visie. Ze maakten het verschil door voor in plaats van na te denken, door het nemen van snelle beslissingen op de meest moeilijke momenten, hun trekpaard te ontdoen van zijn ooglappen of het luie dier tijdig te vervangen middels een frisser exemplaar of “moderner” tuig.


Zo was de vlascrisis in 1845 veroorzaakt door industrialisering (lees: de snelheid en aanpassingsvermogen, moed en durf van de buurboer) en de misoogsten (lees: stijfkoppig blijven geloven dat alles groeien zal en blijft) voor de één een zeer pijnlijke dood en voor de andere een nieuw lekker brood (zo bleek de vlasstengel, het vroegere afval, immers een ideale grondstof voor vezelplaten).


Maar goed, beste boer ondernemer, hoe zit het met uw akker in deze woelige tijden? Weet u nog waar die ligt? Kent u de kwaliteit en de vruchtbaarheid van de aarde om straks het wonderlijke huwelijk met het gekozen zaad zo succesvol mogelijk te maken? Weet u al wat u morgen zaaien zal en voornamelijk waarom? Is uw mestplan klaar en wat zal u gebruiken? Hebt u de weersverwachtingen in de gaten en maakt u correcte voorspellingen? Is uw boerenzoon op de hoogte van uw plannen en deelt hij uw passie, kennis en kunde? Neemt u ook het risico op een mislukte oogst door stijfkoppig bij uw traditie te blijven of ziet u net de opportuniteiten in het afval van uw buur? Blijft u keuterboer of wordt u herenboer?


Aan u de keuze.


Groeten,

Boer Piet